2-6-2017

Verpleeghuizen krijgen minder geld dan gedacht

Verpleeghuizen krijgen in 2017 100 miljoen euro minder dan waar ze op hadden gerekend. Het kabinet reserveert in 2017 niet 300 miljoen, maar 200 miljoen euro. Wel ontvangen ze in de jaren daarna extra geld. Dit bedrag loopt op tot mogelijk 2,1 miljard euro in 2021.

De verpleeghuizen krijgen er de komende jaren extra geld bij, maar hoeveel ze precies wanneer krijgen is nog niet helemaal duidelijk. Het extra geld is een uitvloeisel van het kwaliteitskader verpleeghuizen, waarin normen voor de personeelsbezetting zijn genoemd. Het kwaliteitskader is juridisch bindend, schrijft Van Rijn aan de Kamer. Er staan normen voor goede zorg in en cliënten hebben ook recht op deze zorg. Zij kunnen dat afdwingen bij de rechter. De overheid ontkomt er dus niet aan om extra middelen ter beschikking te stellen. Maar hoeveel is voldoende?

2,1 miljard euro extra

Het Centraal Planbureau (CPB) komt met 2,1 miljoen euro op een hogere schatting uit dan de NZa. Die schatte de extra kosten in de impactanalyse onlangs op 1,3 miljard euro. Het CPB gaat er bij zijn berekeningen van uit dat er meer verpleeghuisbewoners zijn. Dat leidt tot 300 miljoen euro hogere kosten dan de NZa. Daarnaast zijn er nog twee factoren die tot een hogere schatting leiden: meer overhead en een aanzuigende werking. De schatting is dat er op termijn circa 40.000 extra verpleegkundigen zullen werken in de ouderenzorg. Dit zal volgens het CPB leiden tot een toename van de indirecte uitgaven aan personeel. Daarnaast denkt het CPB dat er een aanzuigende werking zal zijn. Meer kwetsbare ouderen zullen hun indicatie voor verpleeghuiszorg verzilveren als de kwaliteit verbetert. Deze twee effecten raamt het CPB op 500 miljoen euro extra vergeleken met de NZa. Zo komt het CPB uiteindelijk uit op 800 miljoen euro meer dan de NZa.

Meer of minder geld?

Maar of verpleeghuizen ook echt 2,1 miljard euro krijgen, is nog niet zeker. Van Rijn zegt daarover: ‘Het niet volledig meenemen van deze factoren kan leiden tot een andere doorrekening dan die van het CPB.’ Ook minister Dijsselbloem houdt in zijn brief over de voorjaarsnota aan de Kamer een slag om de arm: ‘Omdat de omvang van het bedrag en de fasering nog niet duidelijk zijn, komt het kabinet hier de komende tijd op terug.’ Nadere bedragen worden genoemd op Prinsjesdag. Ook de formatie zal invloed hebben op de hoogte van de bedragen.

Kostprijzenonderzoek NZa

De hoogte van het bedrag zal sterk worden beïnvloed door het kostprijzenonderzoek van de NZa. Dit is een breder onderzoek dan alleen de personeelsnorm. De NZa neemt alle kostencomponenten mee, ook de kosten voor overhead en ICT. Bovendien neemt de NZa in dit onderzoek alle verpleeghuizen mee. ‘Daarbij worden ook de verschillen in organisatie en bedrijfsvoering en daarmee in doelmatigheid tussen verpleeghuizen inzichtelijk’, schrijft Van Rijn. De resultaten van dit onderzoek zullen pas in juli 2018 klaar zijn. Daarmee zal dit onderzoek pas een rol spelen bij de begroting van 2019.

Bron: Zorgvisie.